09 september 2021

Onderzoek: Neurocognitief functioneren kinderen met een LVB. Meer dan alleen een IQ-cijfer

Hoe is het neurocognitieve functioneren van kinderen met een licht verstandelijke beperking en een psychiatrische aandoening vergeleken met normaal begaafde kinderen? Wat zijn voorspellers van gedragsproblemen?

Jongeren thuis computeren min

Klinisch neuropsycholoog Eric Santegoeds deed hier samen met Karaktercollega’s Elke van der Schoot, Sammy Roording, Helen Klip en Nanda Rommelse onderzoek naar.

Vijfenveertig kinderen tussen 6 -13 jaar met een licht verstandelijke beperking (allen bij Karakter in behandeling) deden mee. De onderzoeksresultaten zijn in augustus 2021 gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Journal of Intellectual Disability Research (2021) (vrij toegankelijk).

Computertaken in plaats van pen-en-papier
Santegoeds: “Nieuw in het onderzoek was dat we de kinderen een computertaak (de COTAPP) lieten uitvoeren. Die kwam in de plaats van de gebruikelijke pen-en-papier-testjes. We zien namelijk dat kinderen met een LVB op dat onderdeel vaak minder scoren, terwijl dat ook zou kunnen liggen aan meer basale vaardigheden dan wat zo’n taak beoogt te meten. Het in kaart brengen van basale cognitieve processen (zoals snelheid van informatieverwerking, aandacht, werkgeheugen en executieve functies) via computertaken gaf de onderzoekers nieuwe wetenschappelijke inzichten. Daarnaast is bij alle deelnemende kinderen een intelligentietest (WISC-V) afgenomen en hebben we ouders en docenten gevraagd een vragenlijst in te vullen over het gedrag van het kind.”

Verrassende uitkomst

Kinderen met een LVB en psychiatrische problemen hebben in de regel meer tijd nodig om nieuwe informatie te verwerken. Ze lijken ook een beperkter werkgeheugen te hebben. Al met al, lijken ze informatie dus vooral minder efficiënt te verwerken. Deze inefficiëntie kan mogelijk verklaren waarom er achterstanden ontstaan op gebieden die sterk afhankelijk zijn van deze processen (zoals taalverwerving, lezen, rekenen en het begrijpen van complexere sociale situaties). Santegoeds: “Een verrassende uitkomst van het onderzoek: wanneer we rekening houden met deze verminderde snelheid van informatieverwerking, zijn deze kinderen even goed als hun leeftijdsgenoten in staat tot het richten en vasthouden van hun aandacht, het filteren van relevante informatie, en het houden van controle over hun gedrag.”

Een andere opvallende uitkomst van het onderzoek was dat geen van deze cognitieve processen uit de bus kwam als duidelijke voorspeller van gedragsproblemen (zowel internaliserende als externaliserende). Indirect lijkt het erop dat gedragsproblemen bij deze groep kinderen juist ontstaat als gevolg van een mismatch tussen enerzijds de ondersteuningsbehoeften van deze kinderen als gevolg van hun kwetsbare informatieverwerkingsprofiel, en anderzijds de ontoereikendheid van de omgeving om voor deze kwetsbaarheden te compenseren. Vervolgonderzoek is echter nodig om dit verder op te helderen.

Meer dan IQ alleen

“Wat wij uit dit onderzoek meenemen is dat men niet teveel waarde moet hechten aan uitsluitend één IQ-cijfer bij deze groep kinderen,” zegt de klinisch neuropsycholoog. “Kijk breder naar informatieverwerkingsvaardigheden en ook naar omgevingsfactoren. Belangrijk hierbij is het vinden van een balans tussen de ondersteuningsbehoefte van het kind op basis van zijn/haar sterkte/zwakte-profiel en de aansluiting van de omgeving daarop. We hebben naar aanleiding van deze uitkomsten een aantal adviezen opgesteld voor ouders en voor professionals die met licht verstandelijk beperkte kinderen met psychiatrische problemen werken.”
Deze adviezen zijn te vinden in de uitgebreide samenvatting van de onderzoeksresultaten:


Uitgebreide samenvatting JIDR artikel aug 2021 DEF Download