Loopt het al langere tijd niet lekker in je leven, met vrienden, je ouders, op school? Ben je bijvoorbeeld erg kritisch op jezelf? Voel je je snel aangevallen, heb je vaak ruzie of heb je het gevoel dat je tekort schiet?
Misschien zegt je gezonde verstand dat je anders zou kunnen reageren en wil je dat ook graag. Maar je gevoel werkt niet mee en duwt je steeds in dezelfde richting. Schematherapie kan jou helpen.
Schema’s zijn overtuigingen die jij hebt over jezelf. Je kunt bijvoorbeeld de overtuiging hebben ‘ik ben niet goed genoeg’ of ‘iedereen laat mij in de steek’ of ‘niemand is te vertrouwen’. Deze overtuigingen kunnen (heftige) emoties oproepen. Maar het kan ook zijn dat je juist niets voelt. Schema’s bepalen hoe jij je gedraagt of hoe je overkomt op anderen.
Er zijn verschillende manieren van omgaan met de gevoelens die bij jouw schema’s horen. Bijvoorbeeld door de pijn weg te duwen, je achter een muurtje te verstoppen of situaties uit de weg te gaan die deze gevoelens kunnen oproepen. Een andere manier is om de pijn te overschreeuwen, door bijvoorbeeld nog beter je best te gaan doen. Je probeert jezelf te beschermen tegen de heftige gevoelens, maar uiteindelijk krijg je vaak last van je gedrag omdat het niet helpt om je beter te voelen.
Hoe werkt schematherapie?
Schematherapie helpt je ontdekken waar jouw gedragspatronen vandaan komen en hoe je die kunt veranderen. Je leert herkennen wat je behoefte is en je leert daar op een gezonde manier voor op te komen. Hierdoor verandert niet alleen je gedrag maar ook je gedachten en gevoelens. Je leert beter om te gaan met bepaalde situaties in je leven.
We gaan we op een actieve manier aan de slag. Dit betekent dat we naast uitleg en praten, vooral ook veel doen. De oefeningen (bijvoorbeeld het interviewen van of in gesprek gaan met verschillende kanten van jezelf of imaginatieoefeningen) helpen om niet alleen met je hoofd dingen anders te gaan zien, maar het ook te kunnen gaan voelen en anders te gaan handelen.
Ouders
We betrekken ook anderen bij de behandeling. Dat zijn personen die voor jou belangrijk zijn. Vaak zijn dit je ouders of verzorgers, maar het kan ook een andere volwassene zijn zoals een mentor (van school of woongroep), een familielid etc. Deze kunnen namelijk een rol hebben bij het ontstaan, het in stand houden en zeker ook het oplossen van de problemen.
Meer weten over schematherapie? Bekijk het filmpje.